Het aantal mensen dat in een hotel, op een camping of een andere toeristische overnachtingsplek sliep, lag in ons land in het tweede kwartaal 72 procent lager dan een jaar eerder. In totaal ging het ombijna 3,8 miljoen gasten, tegenover 13,4 miljoen vorig jaar. Dat blijkt uit nieuwe CBS-cijfers.

Noord-Holland werd relatief het hardst geraakt, in de provincie Utrecht is de daling bijna 70 procent. Gekeken naar de grote steden werd Amsterdam het hardst getroffen (92,1 procent), gevolgd door Utrecht (80 procent). In de provincie Friesland nam het aantal gasten het minst af, maar ook hier was een halvering te zien.

Groepsaccommodaties en hotels zagen het aantal gasten het sterkst dalen. Bungalowparken en campings kwamen er het best vanaf, maar ontvingen nog steeds zo’n 60 procent minder gasten dan een jaar eerder.

Het CBS merkt op dat vooral buitenlandse toeristen wegbleven vanwege de wereldwijde reisbeperkingen. Dit betreft met name toeristen die van ver weg moesten komen en anders het vliegtuig hadden gepakt. Het aantal Nederlandse gasten nam het minst af, met 60 procent.