Lactatiekundigen konden na de coronapersconferentie van dinsdagavond opgelucht ademhalen: ook zij mogen vanaf volgende week dinsdag weer aan het werk. De beroepsgroep helpt moeders met het geven van borstvoedingen moest het werk net als kappers en nagelstylisten vanaf half december stilleggen.
Wie de deur van het thuiskantoor van Annette Noordhof uit Leusden opendoet, ziet meteen de werkplek van een borstvoedkundige. Op het bureau ligt een knuffel in de vorm van een borst en de boekenkast ligt vol met literatuur over het geven van borstvoeding. En er staat een laptop die inmiddels al ruim drie maanden gebruikt wordt om videoconsulten mee te geven.
De Nederlandse Vereniging van Lactatiekundigen (NVL) schat dat er in Nederland jaarlijks zo’n 135.000 baby’s zijn die samen met hun moeders “in meer of mindere mate hulp nodig hebben bij de borstvoedingsrelatie”.
De NVL stuurde afgelopen jaar meerdere brieven naar de regering om toch aan het werk te kunnen, maar het ministerie was duidelijk: het is verboden om tijdens de lockdown als lactatiekundige te werken. De reden? Lactatiekunde is niet opgenomen in het BIG-register, wordt niet vergoed vanuit de basisverzekering en valt onder de niet-uitgezonderde contactberoepen.
Dat stuit de NVL nog steeds tegen de borst. Bestuurslid Marianne Vanderveen.
“Wij vinden het tamelijk schokkend dat het belang van ons werk gelijk wordt gesteld met dat van kappers en nagelstylisten. De kapper kun je uitstellen, maar de borstvoedingsrelatie tussen moeder en kind niet.”
Hoewel de vereniging blij is dat haar leden weer aan het werk kunnen, werkt het bestuur toch nog aan een brief richting de overheid. “Voor het moment dat we eventueel opnieuw in een soortgelijke situatie terechtkomen moeten we als cruciale zorg worden aangemerkt”, stelt Vanderveen.
Bron: RTV Utrecht

Vorig artikelNon-foodbranche naar de rechter
Volgend artikelVrouw aangereden