In Museum Spakenburg werd vrijdag 15 juli de tentoonstelling Zuiderzeegezichten over het leven en het werk van schilder Anthonie Pieter Schotel geopend. Schotel was een Nederlandse schilder, die vooralbekendstond om zijn haven- en (Zuider)zeegezichten. Zeven musea uit het Netwerk Zuiderzeecollectie werkten samen voor de organisatie van deze tentoonstelling. Iedere locatie toont op eigen wijze een deel van het leven van de kunstenaar. Veel van de werken zijn zelden getoond en afkomstig uit rijks- en particulier bezit en uit de collecties van musea.
De tentoonstelling is opgesplitst in twee delen. In de eerste fase waren werken van Schotel te bewonderen in Museum Schokland, Zuiderzeemuseum in Enkhuizen en Het Oude Raadhuis in Urk.
In het tweede cluster van 15 juli t/m 18 september heet Schotel je van harte welkom in Stadmuseum Harderwijk, Museum Spakenburg, Huizer Museum en het Volendams Museum.
Als in 1918 wordt besloten de Zuiderzee af te sluiten met de Afsluitdijk, is Schotel onophoudelijk te vinden aan de havens van de Zuiderzee, om het verdwijnende Zuiderzeeleven vast te leggen. Hij schilderde de Zuiderzee obsessief in al haar facetten: de dorpen, bewoners, de zee, havens en de wolkenluchten. Spakenburg bezocht hij vooral in de periode na 1929 toen hij in Laren woonde. Wat hem hier het meest fascineerde was de botter. Met grote precisie bestudeerde hij de schepen met als doel: ‘ze in zijn macht te krijgen’. Je zou hem ‘biograaf van de botter’ kunnen noemen.
Bij de tentoonstelling verschijnt een tentoonstellingsgidsje dat voor iedere bezoeker gratis beschikbaar is. De gezamenlijke tentoonstellingen zijn een eerbetoon aan een van de belangrijkste zeeschilders die ons land ooit heeft voortgebracht.

Vorig artikelPresentatie boek ‘Let’s glow!’
Volgend artikelVernielingen door schietincident